
Ik verbaas me vaak over hoe mensen gruwelen over botjes en vet. Botten zitten vol smaak.
Niet voor niets worden de botten als basis voor goede soepen (en daarna ingekookt tot sauzen) gebruikt.
Als kind al was ik dol op alles wat je kon kluiven. Ik zat nog altijd na te ‘sabbelen’ op een heerlijk kippenpootje of botje van de karbonade. In een restaurant heb ik ooit een geconfijte kwartel totaal ontdaan van ieder stukje vlees. Dat is overigens best een kunst, aangezien het zulke kleine beestjes zijn. Maar het was zo godschuwelijk lekker….
Vet is zo’n zelfde verhaal. Ik kan me voorstellen dat je gezond wil eten en ‘let op vet’. Maar het vetrandje van de entrecôte hoort bij het vlees en geeft de smaak. (Ik neem zelf overigens liever rib-eye.) Het knapperige velletje rondom een lekker kippetje is heerlijk. De fanatiekeling kan het er altijd nog afsnijden op het bord.
Wat me ook opvalt is het aanbod in mager stoofvlees…het is eigenlijk zinloos geweld, een stoofpot te maken van magere delen. Een stoofpot hoor je van vet(-ter) vlees te maken en dit vlees wordt (what’s in a name) na uren sudderen boterzacht. Maar misschien ligt het wel aan het feit dat je vet ‘ziet’. Een reep chocola of een rol koekjes ziet er minder ‘vet’ uit nietwaar?
Ik heb ooit in de Brink, een radioprogramma van RTV Drenthe, een heel smakelijk gesprek gehad met Sophie Timmer over roomboter(zij is net als ik ook een roomboter-fan). Ik bak en kook graag met roomboter. Je krijgt er ook zulke heerlijke jus van….en een stamppot is zoooo lekker met echte roomboter. Ook mijn dagelijkse boterham wordt royaal belegd met roomboter. Alternatieven als margarine, halvarine, dieetsmeersels komen er bij mij niet in. Ik heb het ooit geprobeerd, op advies van een diëtiste omdat er veel meer vitamine D in zit. Na 2 dagen heb ik het plastic kuipje in de afvalbak gegooid: ik werd echt chagrijnig van de vieze smaak. Dan maar een vitaminepil bij de koffie….
Wellicht denkt u dat ik onderhand wel last heb van overgewicht als ik zo graag vet eet. Dat valt gelukkig reuze mee! Leuke bijkomstigheid van mijn beroep is dat je fysiek veel in touw bent. Een beetje caterpartij lijkt op een gemiddelde verhuizing. Maar wat nog belangrijker is, ik kies voor kwaliteit in plaats van kwantiteit. Liever iets minder veel of vaak maar àls dan graag goed: vlees van goeie afkomst met botje en/of vet.
